Meer dan de grond alleen
Terroir omvat alles wat een wijnstok omgeeft. Naast bodem en klimaat horen ook hoogte, de helling, neerslag en windkracht tot het terroir. Zelfs de manier waarop de wijnboer met zijn wijngaard omgaat, versterkt of verzwakt de invloed van terroir. Wanneer een wijnmaker zorgvuldig snoeit, opbrengsten beperkt en duurzaam werkt, laat hij de herkomst duidelijker spreken in het glas. Terroir is dus de unieke vingerafdruk van een plaats en is te proeven in elke slok wijn.
Druiven staan vaak op minder vruchtbare grond voor optimaal resultaat. Kalksteen bijvoorbeeld zorgt voor wijnen met frisse zuren, terwijl van leisteen wijnen wat meer mineralig worden. Op plekken als Sicilië staan druiven zelfs op vulkanische bodem, dit zorgt voor een rokerige smaak.
Welke invloed heeft het klimaat?
In een warm klimaat met veel zon worden druiven rijper, ze krijgen meer suikers die bij de vergisting omzetten in alcohol en dus krijg je een vollere wijn. In een koel klimaat behoud je juist de frisse zuren van een druif. Vaak staan druiven aangeplant op heuvels. Op hoogte is het verschil tussen dag en nacht groter. Overdag kan de druif rijpen, terwijl de nacht ervoor zorgt dat de mooie zuren behouden worden. Hagel of te veel neerslag is funest voor een druif.
Hoe proef je terroir?
Terroir is absoluut terug te proeven in een wijn, dat maakt wijn juist zo leuk! Probeer het zelf maar eens. Een goed voorbeeld is de Chardonnay. De druif staat in veel verschillende landen aangeplant, maar de wijn smaakt overal weer net even anders. Een Chardonnay uit Chablis is veel frisser dan een volle Chardonnay uit Californië. In die Amerikaanse Chardonnay komen ook hele andere aroma's naar voren.